brandpunt+

Downloaders

"Hallo, ben jij Jan?" – Zo confronteerden we kinderporno-downloaders met hun gedrag

Tom Kleijn

Van de 82 Nederlandse kinderporno-downloaders van wie we de gegevens te pakken kregen, zochten Dirk en Tom er een aantal op. "We vonden bestanden met kinderporno. Ook bij jou, Jan."

"Hallo, ben jij Jan?", vragen we aan de man die ons tegemoet loopt. "Ja, dat ben ik." Wij weten dat hij Jan heet, want het is geen toeval dat we hem hier op de stoep iets vragen. We observeren hem al anderhalf uur vanuit een auto aan de overkant van de straat. Net zoals we dat twee dagen daarvoor ook al deden, al zaten we er toen drie uur lang: Hans bleek nog een borrel te hebben, die wat uitliep. Als Jan eindelijk naar buiten komt en we uit de auto stappen, pakt hij nietsvermoedend de fiets en rijdt hij onverwachts een andere route dan die hij de dag ervoor had gereden. Toen stonden Dirk en ik ook al hier. "Hoezo? Waarom willen jullie weten wie ik ben?" vraagt hij. 

Nou, dat gaan we hem even vertellen.

“Wij zijn Tom en Dirk. We werken voor Brandpunt+ en zijn bezig met de research voor een reportage over het illegaal downloaden van bestanden van internet. Daarbij kwam jouw naam naar boven.”

Zo zijn we de afgelopen weken al vaker een gesprek begonnen. Jan kijkt ons onderzoekend aan. "Is dit jouw emailadres?", vragen we. "Ja", zegt-ie. "En is dit jouw gebruikersnaam?" Er volgt nog een ja, iets zachter deze keer. En dan komt het. “Wij hebben toegang gekregen tot de emailadressen, inlogcodes, IP-adressen, bestandsnamen, en het downloadgedrag van meer dan honderd Nederlanders. Die informatie is afkomstig van een server op het dark web waarvan de beveiliging een tijdje niet goed heeft gewerkt.”

Al die gegevens, van al die mensen, zijn nu in ons bezit. 

Veel van de bestandsnamen die we tegenkwamen wijzen op bestanden met kinderporno. "Ook bij jou, Jan." Dan volgt telkens dezelfde reactie: mannen als Jan worden spierwit. Er verschijnen kleine zweetdruppels op het voorhoofd. De eerste ontkenningen komen meteen: "Mijn email is laatst gehackt." "Er zitten meerdere mensen op mijn router." "Dit is een tijdje mijn emailadres niet geweest."

Dat is niet afdoende. We weten precies op welke datum, op welke tijd, welk bestand is gedownload. Op welk IP-adres, wat erop staat en hoe het heet. Het zijn de gegevens van de man die tegenover ons staat: we hebben al onze informatie dubbel gecheckt. 

Er volgen moeilijke gesprekken, die barsten van ontkenningen, boze reacties en al dan niet gespeelde verbazing. Maar we spreken ook met iemand die uiteindelijk toegeeft: "Je downloadt weleens wat." Hij zegt dat de bestandsnamen die we hem laten zien hem "bekend voorkomen". Wel realiseert hij zich wat hij doet en dat kinderporno "natuurlijk heel erg is". 

Met alle mannen die we confronteren gaan we in gesprek. Want dat is wat we willen: iets meer te weten te komen over mannen die kinderporno downloaden. Niet om ze publiekelijk te veroordelen, maar omdat we willen weten waarom ze het doen. Want psychologen, de politie en de medewerkers van de verschillende organisaties op dit vlak zeggen allemaal hetzelfde: de meeste downloaders zijn geen agressieve pedoseksuelen, criminelen, of producenten van kinderporno. Het zijn de mannen bij jou en mij in de straat: overseksten, ééns-maar-nooit-weer-nieuwsgierigen, soms autistische fotoverzamelaars. 

Al weet je niet precies of je tegenover een zielepoot met een zolderkamer of tegenover een geharde pedoseksueel staat, als je op een regenachtige avond zo’n nietsvermoedende downloader aanspreekt. 

Maar ‘toevallig’ of niet, al deze mannen hebben kinderporno gedownload, en door dat te doen houden ze een gruwelijke wereld in stand. Een wereld waarin kinderen misbruikt worden. Jonge kinderen, soms zelfs baby’s. 

In de afgelopen maanden daalden we af in de donkere wereld van de kinderporno en onderzochten we de donkerste hoeken van het Dark Web. Daar gelden geen regels en wetten: ik lees de Dark Wiki, waar per seksuele voorkeur en zelfs per kind gerubriceerd staat wat er allemaal te halen valt. De rillingen lopen over mijn rug. We spreken de dappere Vicky, die als driejarig meisje werd misbruikt en nauwelijks kan leven met de "gedachte dat de foto’s die toen gemaakt zijn, mogelijk nog steeds ergens rondzwerven." Ik kijk met een onderzoeker live mee naar hoe, op een van de fora, kinderporno wordt beschreven en gedeeld door gebruikers die zich ontastbaar wanen: we zitten toch op het dark web: iedereen hier is anoniem. 

Maar dat zijn de bleke, zwetende mannen tegenover ons op straat niet meer. Wij willen weten of ze zich realiseren wat ze aanrichten. Niet om hun gedrag goed te praten of om ze neer te zetten als slachtoffer of niet-crimineel, want dat zijn ze: elke foto met kinderporno is strafbaar. We proberen een genuanceerder beeld te vormen van deze downloaders. 

De meeste mensen willen al deze mannen achter de tralies. Zo streng mogelijk straffen, lijkt het devies. Weg ermee. En iedereen die ook maar even in hun online wereld heeft gekeken, wil dat ook. Ik ook: er komen ongekend gruwelijke dingen voorbij.

De politie krijgt ongeveer 20 000 meldingen per jaar, maar kan slechts 400 onderzoeken doen. Toch zijn er manieren om deze mannen eerder te corrigeren, nog voordat ze verder afglijden.  "Keihard straffen zou mooi zijn", vindt ook slachtoffer Vicky. Ze zit tegenover me op de bank. “Maar het enige wat ik écht wil, is dat het stopt.” 

De naam Jan is niet de echte naam van de downloader. 

Bekijk hier de tweedelige documentaire over een groot onderzoek naar downloaders van kinderporno. 

Verschillende organisaties bieden hulp aan slachtoffers (en daders) van seksueel misbruik. Sensoor, bijvoorbeeld, Project Speak Now en Stop it Now!