brandpunt+

Reactie

Reactie Ministerie van Justitie en Veiligheid

Redactie Brandpunt+

Alarmerend nieuws: er is een verontrustende toename van Nigeriaanse mensenhandelnetwerken in Europa. Jaarlijks worden duizenden minderjarige meisjes naar Europa verhandeld en seksueel uitgebuit. Nederland is één van de tien bestemmingslanden. Toch stellen verschillende partijen dat Nederland haar grip op de West-Afrikaanse mensenhandel verliest.

Team Africa, het gespecialiseerde team van de Federale Gerechtelijke Politie Brussel dat hier al 24 jaar exclusief onderzoek naar doet, spreekt inmiddels van het best georganiseerde criminele netwerk ter wereld. Rechercheur Franz-Manuel Vandelook waarschuwt ons, evenals Europol. Afgelopen week stelde Nationaal Rapporteur Mensenhandel Herman Bolhaar nog bij Spraakmakers (NPO Radio1) dat de politie steviger aan de bak moet, mede omdat mensenhandel een 'haaldelict' is en we niet kunnen wachten totdat slachtoffers zelf naar politie en justitie stappen.

Daar wacht Team Africa dan ook niet op. Al sinds 1994 starten ze zelf onderzoeken, benaderen ze slachtoffers actief en infiltreren ze in de criminele netwerken die de uitbuiting mogelijk maken. Rekening houdend met allerlei cultuurgerelateerde aspecten, zoals het diepgewortelde voodoogeloof dat handelaren misbruiken om de meisjes in hun greep te houden. En dat werkt.

Het gebrek aan een gespecialiseerd team maakt deel uit van de kritiek op de huidige aanpak: wij lijken niet in staat cultuursensitief te werken, er wordt onvoldoende geïnvesteerd om illegale prostitutie in Nederland zichtbaar te maken, bescherming is ontoereikend voor specifiek deze (ongedocumenteerde) slachtoffers en er wordt te weinig gekeken naar best practices in het buitenland. 

Heeft Nederland niet ook zo'n speciaal team nodig, om juist grip te krijgen op die uiterst specifieke werkwijze van de Nigeriaanse maffia?

We legden het voor aan het Ministerie van Justitie en Veiligheid, dat momenteel werkt aan een plan van aanpak mensenhandel.

Erkennen jullie de opkomst van deze Nigeriaanse criminele netwerken en maken jullie je daar zorgen om?

"We monitoren al enige tijd deze specifieke groep (mogelijke) slachtoffers van mensenhandel, daar het ons bekend is dat zij zich in een kwetsbare positie bevinden. Bovendien kennen wij ook de signalen uit met name België en Italië over Nigeriaanse slachtoffers van mensenhandel.

De recent verschenen Slachtoffermonitor Mensenhandel 2013-2017 van de Nationaal Rapporteur Mesenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen, laat zien dat in 2017 slachtoffers met de Nigeriaanse nationaliteit de op drie na grootste groep gemelde (mogelijke) slachtoffers in Nederland is. Tegelijk geldt ook dat we sinds 2011 een daling in het aantal geregistreerde mogelijke slachtoffers met een Nigeriaanse nationaliteit zien, van 134 in 2011 naar 46 in 2017."

Wat wordt er aan gedaan om deze specifieke netwerken te bestrijden?

"Dit kabinet zet in op een integrale aanpak van mensenhandel. Dit betekent dat we ons zowel in Nederland als in landen van herkomst en transit inzetten om mensenhandel aan te pakken en slachtoffers te ondersteunen.

In Nederland bestaat een speciale opvangvoorziening voor (mogelijke) buitenlandse slachtoffers van mensenhandel die geen verblijfsrecht hebben, de zogenaamde Categorale Opvang voor Slachtoffers van Mensenhandel (COSM). Hierin worden ook Nigeriaanse slachtoffers van mensenhandel opgevangen. Deze opvang is bedoeld voor de eerste drie maanden nadat een slachtoffer is aangetroffen. Tijdens deze drie maanden kan het slachtoffer tot rust komen en nadenken over de vraag of zij/hij aangifte wil doen. Daarna kan men doorstromen naar andere opvangvoorzieningen dan wel een zelfstandige woning. Daarbij speelt de verblijfsrechtelijke status van het (mogelijke) slachtoffer ook een rol.

Niet voor alle (mogelijke) slachtoffers geldt dat zij in Nederland kunnen of willen blijven. De International Organisation for Migration (IOM) ontvangt van het Rijk een bijdrage om specifiek deze doelgroep, slachtoffers van mensenhandel, te ondersteunen bij vrijwillige terugkeer naar het land van herkomst.

Ook lopen momenteel enkele strafrechtelijke onderzoeken waarbij de aangevers/slachtoffers de Nigeriaanse nationaliteit hebben, en in 2018 is één opsporingsonderzoek overgedragen aan het buitenland. Echter, wanneer opsporingsdiensten aangiftes ontvangen met weinig opsporingsindicaties, dan kan men in strafrechtelijke zin weinig doen. Dit geldt met name ook voor aangiftes die zien op uitbuiting die plaats heeft gevonden in het buitenland.

Ook buiten Nederland zetten wij ons in om mensenhandel te bestrijden: vanuit het OM is bijvoorbeeld een Liaison Officer in Rome geplaatst. Dit biedt de mogelijkheid om gegevens met de Italiaanse opsporingsdiensten uit te wisselen over onder andere deze groep (mogelijke) slachtoffers van mensenhandel. Op basis van deze informatie zijn ook de VN-sancties tegen Libische mensensmokkelaars en -handelaars, waar ook Nigerianen slachtoffer van worden, tot stand gekomen.

Daarnaast ondersteunt dit kabinet verschillende projecten in landen van herkomst en transit die gericht zijn op het geven van ondersteuning aan slachtoffers van mensenhandel. Allereerst zetten we in op preventie. Zo tracht Nederland met bewustwordingscampagnes potentiële migranten uit o.a. Nigeria te behoeden voor de gevaarlijke reis naar Libië/Europa en de risico’s op mensenhandel daarbij. Voorts zetten we in op actieve bescherming van (Nigeriaanse) slachtoffers. Ook draagt Nederland bij aan reddingsoperaties in de Sahel en trainingen van politie en grenscontrolebeambten op het gebied van mensenrechten en bescherming van mensenhandelslachtoffers. Met Nigeria werkt Nederland al jarenlang samen bij het tegengaan van mensenhandel. Zo dragen we bijv. bij aan trainingen van de Nigeriaanse immigratiedienst (NIS) en het agentschap op gebied van mensenhandel (NAPTIP).

Voorts wordt ingezet op aanpak en vervolging van daders. In de Sahel en West-Afrika draagt Nederland via UNODC en OHCHR bij aan de ontwikkeling van wetgeving op mensenhandelgebied, regionale samenwerking om daders te identificeren, opsporen en juridisch te vervolgen. Ook wordt de juridische samenwerking tussen West-Afrika en de EU bevorderd, bijvoorbeeld via de door Nederland gefinancierde detachering van een Nigeriaanse aanklager in Italië. Deze detachering heeft in zes maanden tijd al geleid tot een significante versterking van de samenwerking met Nigeria ten behoeve van de aanpak van mensenhandelnetwerken.

Gezien de verwevenheid tussen mensensmokkel en -handel is er ook veel aandacht voor mensenhandel in bredere programma’s gericht op aanpak mensensmokkel, in lijn met de integrale migratieagenda. Het merendeel van irreguliere (Nigeriaanse) migranten krijgt namelijk op de route naar Europa te maken met mensenhandelpraktijken. Zo is er speciale aandacht en extra (psychosociale) ondersteuning voor slachtoffers in mede door Nederland gefinancierde programma’s gericht op de vrijwillige terugkeer en herintegratie van migranten vanuit Noord-Afrikaanse transitlanden naar hun herkomstlanden. Met deze programma’s, uitgevoerd door de Internationale Organisatie voor Migratie, is het afgelopen jaar al aan duizenden Nigeriaanse migranten een uitweg uit hun uitzichtloze en zeer kwetsbare situatie in Libië geboden. Minister Blok brengt momenteel een bezoek aan een aantal Afrikaanse landen waaronder Nigeria, om over onder andere deze thematiek te spreken. 

Nederland neemt tot slot ook deel aan het EMPACT-project mensenhandel en het EMPACT-subproject Etutu. Dit subproject richt zich specifiek op het verkrijgen van een Europees beeld over Nigeriaanse mensenhandel. Vanuit Etutu worden regelmatig bijeenkomsten belegd en criminaliteitsbeelden gedeeld, hierdoor is Nederland voortdurend op de hoogte van wat zich op Europees niveau afspeelt in dit kader. Als er plotseling een toename van West-Afrikaanse slachtoffers of daders te zien zou zijn in Nederland kan daar adequaat op worden ingespeeld." 

Wat wordt er aan gedaan om de slachtoffers beter te beschermen?

"Zoals eerder aangegeven, onderneemt Nederland verschillende stappen: om slachtofferschap te voorkomen ondersteunt Nederland projecten in Nigeria en landen van transit. Daarnaast kent Nederland al langer een breed pallet aan beleidsmaatregelen om daders aan te pakken en slachtoffers te ondersteunen.

Het kabinet presenteert bovendien op korte termijn een integraal programma waarin een heel pakket aan aanvullende beleidsmaatregelen worden aangekondigd om mensenhandel binnen en buiten Nederland te bestrijden." 

Wat vinden jullie van het feit dat verschillende organisaties oproepen tot een specialistische aanpak, bijvoorbeeld in de vorm van een team speciaal hierop gericht?

"Het kabinet zet zich op alle fronten in om de aanpak van mensenhandel binnen en buiten Nederland te intensiveren. Dat doen we voor alle slachtoffers van mensenhandel, waaronder de Nigeriaanse slachtoffers. Een specialistisch team dat zich binnen de politie alleen nog op deze doelgroep richt achten wij niet wenselijk. Binnen de politie zijn er gespecialiseerde teams voor de aanpak van mensenhandel in den brede. Binnen de AVIM’s (Afdeling Vreemdelingenpolitie Identificatie en Mensenhandel) werken gespecialiseerde mensenhandelrechercheurs die speciaal opgeleid worden om alle verschillende soorten mensenhandelonderzoeken uit te voeren, waaronder complexe internationale zaken. Met het oog op de uiteenlopende achtergronden van mensenhandelslachtoffers, investeert de politie in kennis en expertise van interculturele communicatie. Dit maakt expliciet onderdeel uit van de opleiding voor mensenhandelrechercheurs.

De recente slachtoffermonitor mensenhandel laat zien, dat naast Nigeria, verschillende andere bronlanden relevant zijn. Bovendien bestaat de grootste groep slachtoffers mensenhandel nog steeds uit Nederlandse slachtoffers. De teams moeten in kunnen blijven spelen op eventuele veranderingen, bijvoorbeeld wanneer een nieuwe groep slachtoffers prominent naar voren komt. We kiezen daarom bewust niet voor een doelgroepenbenadering in de opsporing. Wel monitoren we bepaalde doelgroepen als we daar aanleiding toe zien. Dat geldt onder andere voor de Nigeriaanse doelgroep. Het Expertisecentrum Mensenhandel – Mensensmokkel (EMM) speelt daar ook een belangrijke rol bij."

Een deel van de reactie van het Ministerie van Justitie en Veiligheid is te zien in onze reportage 'Voodoo maffia'.