brandpunt+

Recap

Waarom Jan uit Gendt de zoveelste plastic soep niet in z'n eentje kan voorkomen

Maartje Krijnen

Al veertien jaar loopt Jan elke dag langs de oevers van de Waal om onze plastic rommel op te ruimen. Doet-ie dat niet, drijven de flesjes naar zee, naar de plastic soep die al zo groot is als Portugal, Spanje en Frankrijk samen. Wat helpt? Statiegeld.

Jan Meeuwsen loopt al veertien jaar dagelijks langs de oever van Waal in de buurt van Gendt, een dorpje naast Nijmegen, om vuilnis te verzamelen. Het is een typisch Nederlands winterlandschap, een rivier meandert langs rijtjes kale bomen, het ijle zonnetje en de kleur van de grond verraden de winterkou. Aan de overkant van de rivier grazen wilde koningspaarden. Jan telt de stukken plastic die hij heeft verzameld en houdt nauwkeurig bij hoeveel eenheden hij in elke zak stopt. “Je hoeft niet eens moeite te doen! Kijk maar, hier is nummer twintig, eenentwintig, en hoppa: drieëntwintig!” Hij raapt Jan het deksel van een kliko op, en een wc-bril. “Ik vind het gewoonweg vreselijk, het is echt een kleine milieuramp. En dat terwijl het nergens zo mooi is als hier!”

Thuis laat hij zien hoe hij de administratie bijhoudt van het opgehaalde plastic. Hij zet z’n computer aan: “Sorry hoor, je moet wel even wachten totdat hij is opgestart want hij is heel langzaam”. In een document houdt hij per dag bij hoeveel plastic eenheden hij verzameld heeft. Bovenaan de pagina staat de griezelig hoge score van het, door Jan alleen, opgeraapte plastic in 2018: 44.903 stuks.

De plastic soep die op dit moment in de zee drijft is even groot als Portugal, Spanje en Frankrijk samen. Plastic breekt niet natuurlijk af: na jaren blijven er van het plastic microdeeltjes over, die niet afgebroken worden. Vissen slikken deze deeltjes in, en brengen het plastic terug in onze voedselketen. Zodra je het plastic flesje waaruit je appelsap hebt gedronken, in de sloot gooit, komt het via de rivieren in zee terecht. Of natuurlijk in de handen van Jan, die het flesje voor je zal oprapen aan de oever van de Waal. 

“Het plastic afvalprobleem begint bij onszelf, het is echt een product van onze gemaksmaatschappij. Elk jaar drijft er 1100 ton plastic via onze Nederlandse rivieren naar zee”, zegt Merlijn Tinga. Hij noemt zichzelf de Plastic Soup Surfer en supt op zijn, door gerecycled geproduceerde plastic supboard, vanaf de bron van de Rijn in Zwitserland naar de monding in de zee in Nederland, en filmt wat hij allemaal aan plastic in het water tegenkomt. Zo probeert hij ons bewust te maken van het plasticprobleem, dat harder aangepakt moet worden zodat het onverteerbare plastic niet langer in ons ecosysteem terechtkomt. 

“Voor het weggooien van de drankverpakkingen bestaat een enorm goede maatregel, en dat is: statiegeld”, zegt Merlijn. Daar strijdt hij dan ook hartstochtelijk voor zodat de verantwoordelijkheid bij de producent komt te liggen. De enige die nog overtuigd moet worden van deze oplossing is de overheid, want er is hier nog geen beleid voor. En Ahold. Want Albert Heijn is de enige supermarkt die niet erkent dat dit een oplossing is voor het prangende plasticprobleem. En dat terwijl andere supermarkten als Lidl en Aldi al voorbereid zijn op de verandering. Nadat hij zijn film heeft vertoond in de Tweede Kamer, wacht hij af tot 15 maart. Dan zal er over het wetsvoorstel gestemd worden. 

Hoog tijd. Want, zeg nou zelf: Jan kan het niet in z’n eentje blijven opruimen.