brandpunt+

Interview

Deze Iraanse strijdt onvermoeibaar voor het recht geen hoofddoek te dragen

Veerle Weustink

Ze werd veroordeeld tot zweepslagen, werd verbannen uit haar geboorteland en kan haar zoon dus niet meer zien. Toch zet Masih door. “Ik wil niet dat vrouwen gedwongen worden om een hoofddoek te dragen. Maar ook niet er ze af te doen. De geschiedenis leert ons dat dwang niet werkt.”

“De Iraanse regering is als de dood voor mij,” gniffelt Masih Alinejad. “Dat vind ik vrij grappig. Ik ben een klein vrouwtje en weeg maar 45 kilo. Oké, nu lieg ik: inmiddels toch wel 47 kilo.”

Ik spreek de 41-jarige activist via Skype. Nee, niet vanuit haar thuisland Iran, daar is Masih niet langer welkom. Inmiddels woont ze in Brooklyn, New York. Haar geboorteland liet ze gedwongen achter. Haar hele volwassen leven vecht de activist al tegen de verplichte hoofddoek voor vrouwen in haar thuisland Iran. En dat op tamelijk onconventionele wijze.

Haar wapen van keuze? Foto’s van onbekommerde en ongesluierde vrouwen. Haar strijdtoneel? Sociale media. Haar aartsvijand? De wetgeving die Iraanse vrouwen verbiedt om zonder hoofddoek in het openbaar te verschijnen - en een regime dat krampachtig aan deze wet vasthoudt.

Masih wil namelijk maar één ding: dat elke Iraanse vrouw het recht heeft om te kiezen. Daarom zette ze eigenhandig de beweging ‘My Stealthy Freedom’ op. Wat begon als een online campagne waar vrouwen in Iran foto’s plaatsen van hun onbedekte haren, is inmiddels uitgegroeid tot een internationale protestbeweging.

Masih zelf betaalde een hoge prijs voor haar activisme. Ze werd op haar 19de opgesloten vanwege haar kritiek op de Iraanse regering, en is inmiddels dus verbannen uit haar land – waardoor ze haar familie en zoon niet meer kan zien.

“Het laat vooral zien dat ze bang voor me zijn,” zegt Masih daarover. Ze zit in kleermakershouding op de vloer van haar appartement, straalt rust uit, ondanks dat ze vrijwel continu op en neer wiebelt. Haar ontembare bos krullen deint mee op het ritme. “Ze noemen me van alles: een hoer, een secreet, een lelijk eendje. Vooral dat laatste vind ik erg ironisch.”

Ze lacht schamper, vervolgt dan: “Ze hebben duidelijk het sprookje niet goed gelezen. Aan het eind verandert het lelijk eendje namelijk in een prachtige zwaan. Kijk, toen ik nog in Iran woonde, had ik nooit de kans om écht gehoord te worden. Maar door sociale media hoort de hele wereld mijn verhaal. Van mij en van alle andere vrouwen die niet langer verplicht een hoofddoek willen dragen. De Iraanse president krijgt echt niet zoveel views op Facebook als ik, hoor.”

Toen ik mijn hijab voor het eerst afdeed, voelde het alsof ik een ledemaat miste
Masih

Masih was twee jaar oud toen de Iraanse Revolutie alles veranderde. Van de ene op de andere dag moesten vrouwen hun haren bedekken en mannen hun westerse mode inwisselen voor traditionele kledij. “Als kind sliep ik zelfs met een hoofddoek om,” vertelt de activist. “Ik kende niets anders. Toen ik mijn hijab voor het eerst afdeed, voelde het alsof ik een ledemaat miste.”

Haar ouders groeiden op in een klein dorp op het Iraanse platteland en waren zelf groot voorstanders van de revolutie. “Mijn moeder draagt met veel plezier een hijab. Ze kan niet lezen of schrijven, maar ze is mijn grootste rolmodel. Zij is voor mij de belichaming van het echte feminisme. Ze werkt even hard als elke man, is voor niemand bang en leerde me de kracht van onafhankelijkheid.”

Masih wijdt haar hele leven aan vrouwen bevrijden van het juk van de hijab, terwijl haar moeder er trots eentje draagt. Hoe reageerde die laatste op de strijd van haar dochter?

“Ze bewondert me,” antwoordt Masih zonder te twijfelen. “Mijn droom is om hand in hand met mijn moeder te lopen in het Westen. Zij mét hoofddoek – en dat niemand raar naar ons kijkt. Maar ik wil ook samen met haar door de straten van Teheran lopen, terwijl mijn haar onbedekt is.”

Keuzevrijheid, daar gaat het Masih om. “Ik wil niet dat vrouwen gedwongen worden om een hoofddoek te dragen. Maar ook niet er één af te doen. De geschiedenis heeft ons geleerd dat dwang niet werkt. Vrouwen zijn volwassen genoeg om zelf te beslissen wat ze op hun hoofd dragen.”

74 zweepslagen

“Ik heb geen talent voor ondergeschiktheid,” verklaarde de vaderlandse feminist Belle van Zuylen ruim drie eeuw geleden. Woorden waar Masih zich goed in kan vinden.

Op de middelbare school raakte ze al betrokken bij een protestbeweging tegen de lokale overheid. Ze trouwde op haar achttiende met een mede-activist en was al snel in verwachting van hun zoon Pouyan. De zwangere Masih werd opgepakt en veroordeeld tot vijf jaar gevangenis en 74 zweepslagen.

Vanwege haar aankomend moederschap werd haar straf drie jaar uitgesteld. Ze ging aan de slag als journalist, werkte jarenlang als parlementair verslaggever. Uiteindelijk werd ze ontslagen. De reden? Ze droeg rode schoenen naar haar werk.

Toen Iran te gevaarlijk voor haar werd, besloot ze eerste naar het Verenigd Koninkrijk en vervolgens te vluchten naar de Verenigde Staten. “Ik woon nu wel in Amerika, maar eigenlijk ben ik elke dag in Iran. Dat komt door sociale media. Ze kunnen me wel uit mijn land zetten, maar op zo blijf ik toch dichtbij.”

Het keerpunt in Masihs leven voltrok zich op een mooie Londense lentedag, begin 2014. De zon liet zich voorzichtig zien en de bloesem stond in de bomen. Een mobieltje werd uit de broekzak gehaald. Masih nam een aanloopje en rende door de straat. Haar armen wijd gespreid en haar bos krullen wapperend in de wind. Iets waar de meeste vrouwen geen twee keer over nadenken, maar Masih wel.

Klik.

Een beweging was geboren.

Masih postte het kiekje op Facebook met een bijschrift. Daarin legde ze uit dat deze foto in Iran - haar Iran - illegaal zou zijn. “Er zat geen groot meesterplan achter dat kiekje,” zegt ze nu. “Ik wilde me gewoon vrij voelen. Iraanse vrouwen moeten altijd alles stiekem doen en nu hoefde dat eindelijk een keer niet. Dat voelde bevrijdend.”

Die ene foto kreeg destijds 14 duizend likes en Masih werd overstelpt met reacties van vrouwen wereldwijd. En met foto’s. Heel veel foto’s. Van Iraanse vrouwen die hun hoofddoek afdoen en trots de camera inkijken. Niet in het buitenland, maar in Iran zelf.

In Iran slaat de moraliteitspolitie vrouwen in elkaar. Op klaarlichte dag!
Masih

Steeds meer Iraanse vrouwen doen recentelijk mee met een andere actie van Masih: de White Wednesday Campaign. Het idee is eenvoudig: ga naar een publieke plek in Iran en draag een witte hoofddoek. Doe die vervolgens af en bind de hijab aan een stok. Dit stille protest krijgt bijval van veel Iraniërs. Ook degene die wél een hoofddoek dragen. Maar de protesterende vrouwen betalen een hoge prijs voor hun verzet.

“Ze worden in elkaar geslagen door de moraliteitspolitie van Iran. Op klaarlichte dag! In februari alleen al heeft de Iraanse overheid 29 vrouwen gearresteerd die meededen.”

Of ze zich niet bezwaard voelt, vraag ik haar. Dat haar medestrijders in Iran door de moraliteitspolitie in elkaar geslagen worden, terwijl zij veilig in Amerika zit. “Dit zijn volwassen vrouwen, die hun eigen keuzes maken. Ik vergelijk ze wel eens met de vrouwen in de suffragettebeweging. Zij wisten ook dat het gevaarlijk was, en toch waren ze bereid alles op te geven voor hun vrijheid.”

“Bovendien,” vervolgt Masih strijdlustig. “Is het niet mijn actie die hen in gevaar brengt, maar de Islamitische Republiek zelf. Ze lopen nu al elke dag gevaar. Simpelweg door een vrouw te zijn en naar buiten te gaan.”

Een vrouw werd wegens haar protest gearresteerd op dezelfde dag dat jullie minister Sigrid Kaag in Iran op diplomatiek bezoek was én doodleuk een hoofddoek droeg
Masih

Ze is even stil, vervolgt dan: “Ik denk elke dag aan de vrouwen in Iran. Het doet me zoveel pijn als één van ‘mijn’ vrouwen wordt gearresteerd. Neem bijvoorbeeld Shaparak Shajarizadeh. In februari vorig jaar protesteerde ze tegen de hijab en werd ze in elkaar geslagen en gearresteerd. Ik heb de hele dag gehuild. Waarom ben ik vrij, terwijl zij zo vreselijk wordt behandeld?”

Eind april werd Shaparak op borgtocht vrijgelaten, vertelt Masih. “Direct nadat ze vrij was, stuurde ze me een foto van zichzelf. Ze stond recht voor de gevangenis. Zonder hoofddoek. In haar hand had ze een briefje met daarop de tekst: ‘Ik ben trots op mezelf en op jou, Masih’. Dat betekent zoveel voor mij.”

“Weet je wat mij bloedlink maakt,” vraagt ze me.

Hoewel ik meer dan genoeg dingen uit de voorgaande anecdotes kan bedenken waar je bloed van gaat koken, schud ik obligatoir mijn hoofd.

“Shaparak werd gearresteerd op dezelfde dag dat jullie minister Sigrid Kaag in Iran op diplomatiek bezoek was én doodleuk een hoofddoek droeg.”

Masih kijkt vernietigend.

“Elke dag wagen vrouwen hun leven om de keuze te hebben een hoofddoek te dragen of niet. En dan legitimeert jullie minister dit beleid door er wél één te dragen. Onbegrijpelijk.”

Het contrast met de Iraanse vrouwen die voor keuzevrijheid strijden, had niet forser gekund. “We krijgen allemaal doodsbedreigingen en er zit een hoge prijs aan ons protest. Maar ons krijgen ze niet stil.”

Ze doen anders flink hun best, merk ik op. “Laat ze maar. Dat laat alleen maar zien dat ze doodsbang zijn. Dit is geen klein protestje wat wij voeren. Dit gaat niet om een stukje stof. Dit gaat om gelijkheid. Ze straffen ons hard, want ze weten dondersgoed dat als wij doorzetten, ze de rest van de samenleving niet meer onder controle hebben.”

Masihs activisme werkt aanstekelijk - ik maak met de seconde kwader. Vanwege de belachelijke opofferingen die deze vrouwen moeten maken voor iets doodsimpels: het recht om de wind in je haar te voelen.

Maar het voelt een beetje gratuit, zo vanuit Amsterdam. Welk recht heb ik om boos te worden?

Zodra ik dit opbiecht aan Masih, veert ze op. “Nee, word maar boos! Woede is een prachtige eigenschap. Mits juist aangewend, geeft het je de kracht om echt wat te veranderen. Een krachtige en boze vrouw is het mooiste wat er bestaat in deze wereld.”

“Weet je wat mij boos maakt?” Een retorische vraag, zo blijkt, want voor ik een woord kan zeggen, steekt Masih al van wal. “Vrouwen zoals jullie minister. Die naar mijn land gaan en deze belachelijke wetten volgen. Daarmee legitimeren ze onderdrukking. Ze noemen zichzelf feminist, maar steunen ons niet. Ik wil dat mensen begrijpen dat ons protest niet om iets kleins gaat. Het gaat om onze waardigheid.”

Je kan online actievoeren tot je een ons weegt, maar uiteindelijk moet je de insitituties achter je krijgen om daadwerkelijk verandering te realiseren
Masih

De afgelopen maanden lijkt het of ik steeds meer verhalen langs zie komen van dappere Iraanse vrouwen. Zoals de vrouwen die verkleed als mannen het voetbalstadion inslopen om een potje voetbal te kijken. En daarvan natuurlijk het fotobewijs online zetten.

Als buitenstaander krijg ik het gevoel dat er echt wat aan het veranderen is in Iran. En dat Masih daar wellicht een rol in heeft gespeeld. Is dit een naïeve gedachte, vraag ik haar.

“Zeker niet,” grijnst ze. “Al deze vrouwen laten zien wat je kan bereiken met burgerlijke ongehoorzaamheid. Ze hebben wereldwijde aandacht gekregen en nu is het tijd dat we óók wereldwijde erkenning krijgen. Je kan online actievoeren tot je een ons weegt, maar uiteindelijk moet je de insitituties achter je krijgen om daadwerkelijk verandering te realiseren. Mijn droom is dat élke vrouw de nachtmerrie van de onderdrukkers wordt.”

Of ze als jong meisje op het Iraanse platteland ooit gedacht had zoveel impact te kunnen hebben?

Ze denkt even na, terwijl ze haar krullen vakkundig in een knot op haar hoofd vastknoopt. Her en der steken er nog wat eigenwijze plukken uit.

“Heeft dit lelijke eendje toch maar mooi in haar eentje geflikt, hè?”

Na dit interview werd bekend dat Shaparak Shajarizadeh hoogst waarschijnlijk is veroordeeld tot 20 jaar celstraf vanwege haar protesten tegen de verplichte hijab. De Iraanse overheid geeft hierover geen commentaar.