brandpunt+

Tip

Waarom we onze rouwcultuur grondig moeten herzien

Roos van Tongerloo

Begrafenisondernemer Caitlin Doughty is #deathpositive. Dat betekent niet dat ze iedereen wil ombrengen, maar wel dat we wat minder bang moeten worden voor alles rondom de dood.

Toen ik in 2010 voor de eerste en laatste keer de toren van Pisa zag, was er net iemand vanaf gesprongen. We stonden aan het hek toen toegesnelde carabinieri vlug een zeiltje over het lichaam gooiden.

Er stak een been uit.

Aan de andere kant van de toren poseerden toeristen in elkaars schaduw: leunend tegen de toren, voor hen in de verte, op de foto dichtbij. Wie een minuut later het plein op kwam, zou van niets hebben geweten. Het tumult wist de dood met gemak te maskeren. 

Het been lag daar maar. Ik bleef kijken, omdat ik wist dat het dood was. Het was de trappen op geklommen, over de balustrade, had zich afgezet en was gevallen, vijfenvijftig meter diep, tot aan de grond. De mens bestond niet meer, het been bestond te veel. De carabinieri droegen een wit scherm de auto uit. Nu het dood was, mochten we er niet meer naar kijken.

We houden de dood het liefst op afstand, dacht begrafenisondernemer Caitlin Doughty bij zichzelf – in het busje dat ze bestuurde lagen elf overledenen. We kijken de dood liever niet in het gezicht, en stoppen ‘m weg onder een dikke steen, in een medaillon, een vrieskist of verbrandingsoven. We kennen ‘m wel, maar willen ‘m liever niet zien, laat staan ruiken. De passagiers ‘stapten uit’ bij het crematorium, en verdwenen opnieuw achter slot en grendel. 

Zonde, vond Doughty. Vervelend zelfs: door de dood in ongemak te verpakken, maken we het voor onszelf alleen maar ingewikkeld. We gaan allemaal een keer de pijp uit, dus kunnen er beter alvast aan wennen. Het is niet vies, raar, of eng. Kijk er maar naar, ruik eraan, rouw maar, praat erover. “Het is niet meer dan natuurlijk om de dood te accepteren”, zegt ze. “Die moderne angstcultuur rondom de dood is dat niet.”