brandpunt+

Blog

100 dagen na orkaan Irma: "Dream big for life"

Sacha de Boer

Honderd dagen na orkaan Irma blikt Sacha de Boer terug naar de ramp die Sint Maarten trof. De schade is enorm, maar de veerkracht van bewoners stemt optimistisch.

Leestijd 5 - 10 minuten

Wat kan ik verwachten van een tropisch eiland dat in korte tijd drie orkanen over zich heen heeft gekregen, met de onschuldig klinkende namen Harvey, Irma en Maria? Waarvan orkaan Irma de zwaarste verwoesting heeft aangericht op Sint Maarten, met soms wel windsnelheden van zo’n 300 kilometer per uur. 

100 dagen na de ramp

Als ik honderd dagen later op het eiland kom, zijn de gevolgen nog steeds te zien aan de huizen, de hotels en de haven. Het eerste dat opvalt als je bent geland, is dat de terminal van de luchthaven -die een paar jaar geleden voor miljoenen ‘orkaan-proof’ is gemaakt- zwaar beschadigd is. En voorlopig onbruikbaar.

Passagiers worden dus na aankomst opgevangen in een geïmproviseerde tent. Een bagageband is er niet, dus zetten de bagage-afhandelaars de koffers buiten op een rij, terwijl de passagiers achter een rood-wit lint moeten wachten. Na een teken mogen ze hun eigen bagage zoeken. Het is een gestructureerde chaos.

Pas sinds oktober landen er weer vliegtuigen, en dat is broodnodig voor dit eiland, dat voor negentig procent afhankelijk is van toerisme.

De tekst gaat verder onder de video

Zodra we de luchthaven verlaten is de andere chaos te zien: de boten en jachten die her en der op de weg liggen. Of zijn gezonken. In de haven zijn catamarans om de steigers gevouwen alsof ze van papier-maché waren, masten zijn omgehakt als lucifershoutjes, en tonnen wegende stalen schepen zijn op de kade gekwakt. Ze zijn er met geen mogelijkheid meer weg te halen. De stille getuigen van orkaan Irma.

Kurt Luckert bouwt alles eigenhandig weer op
Kurt Luckert bouwt alles eigenhandig weer op

‘Huilen heeft geen zin’

En toch is er al heel veel opgeknapt, hoor ik van mensen met wie ik hier op het eiland over de verwoestingen praat, zoals Kurt Luckert. Hij had een discotheek, een restaurant en een aanlegsteiger voor luxe jachten. Alles is verwoest door de orkaan, maar in de afgelopen maanden heeft hij allerlei dingen alweer eigenhandig gerepareerd. ‘Huilen of boos zijn heeft geen zin’, zegt ‘ie. 'Je moet het gewoon weer opnieuw opbouwen.'

Die doorpakkersmentaliteit kom ik meer tegen. Zoals bij Trevor Williams: hij was schipper op een charterboot en woonde op zijn eigen zeilboot. Beide schepen zijn gezonken, en liggen nog steeds in de haven. Als ik vraag of hij ze kan aanwijzen, worden zijn ogen vochtig en vraagt zijn dochter Kirsty of zij mij erheen kan brengen.

Orkanen maken geen onderscheid tussen arm en rijk; iedereen is alles kwijt.
Orkanen maken geen onderscheid tussen arm en rijk; iedereen is alles kwijt.

Rijk en arm zijn de pineut

De aanblik van de scheepswrakken waarop hij zulke mooie tijden heeft doorgebracht, kan hij niet aan. Maar hij is geen moment pessimistisch. De toekomst zal nieuwe kansen brengen. Een voordeel ziet hij wel: de orkaan heeft geen onderscheid gemaakt tussen rijk en arm. Het natuurgeweld is de grote ‘leveller’: iedereen is alles kwijt en ‘nu zijn we dus allemaal weer terug bij af’, aldus Trevor met een voorzichtige glimlach.

Ik hang aan zijn lippen met deze levenslessen, maar zijn dochter roept dat ze nu scheepsonderdelen gaat halen met haar dinghy. Of ik mee ga. Kirsty Sky Williams is kapitein van een zeiljacht van een rijke Amerikaanse en doet -onderweg van de VS naar Aruba- Sint Maarten aan. Om haar vader te zien, maar ook om de lokale economie een beetje te ondersteunen met de inkoop van bevoorrading en de benodigde scheepsonderdelen. ‘Every little bit helps.’

Er zijn zoveel boten gezonken dat de werf er nog maanden over zal doen om ze allemaal te bergen.
Er zijn zoveel boten gezonken dat de werf er nog maanden over zal doen om ze allemaal te bergen.

Kerkhof van schepen

Het is lastig manoeuvreren met het kleine rubberbootje in de haven; overal steken nog delen van schepen of soms alleen masten uit het water. Er zijn zoveel boten gezonken dat de werf die er een vergunning voor heeft, er nog maanden over zal doen om ze allemaal te bergen. De meeste schepen gaan naar de sloop; na drie maanden onder water is alles waardeloos geworden. Een enkel schip kan nog worden opgeknapt. Het is een treurige aanblik.

Als Kirsty de boot ziet waar haar vader woonde, krijgt ze het te kwaad. Hier leefde hij jarenlang, dit was zijn thuis. Na de orkaan kon Kirsty geen contact krijgen met haar vader. Pas vier lange dagen later kon ze hem bereiken en wist ze eindelijk dat hij de orkaan had overleefd. Zijn schepen helaas niet.

Kirsty Sky Williams pinkt een traantje weg bij het halfgezonken wrak van haar vaders boot
Kirsty Sky Williams pinkt een traantje weg bij het halfgezonken wrak van haar vaders boot

De aanblik van de gezonken schepen, de huizen zonder daken en de hotels zonder gevels is dieptriest. Maar dit alles begint pas echt te leven als ik het verhaal hoor van Ashley, een 11-jarige ooggetuige. Ik ontmoet haar in de Sister Regina School.

Kinderen hebben enorme flexibiliteit

In het klaslokaal met de andere elfjarigen komen de verhalen mondjesmaat los. Bijna de helft woont niet meer in zijn eigen huis omdat het verwoest is. De een woont met zijn ouders bij zijn oma in, 'wat best gezellig is'. Een ander heeft nu een groter huis dan daarvoor, en is dus best wel blij. Kinderen hebben een enorme flexibiliteit en zien vaak wel iets positiefs aan nare gebeurtenissen.

Maar dan begint Ashley te vertellen. Ze vertelt haar verhaal zo gedetailleerd, dat het net is alsof je erbij bent. Hoe ze met haar vader, moeder, oma en babyzusje tijdens de orkaan moet schuilen in de badkamer omdat het dak van het huis is gewaaid. Totdat ook de badkamermuren instorten en ze probeert die nog tegen te houden met haar voeten. Als de muren zijn ingestort hoort ze de baby niet meer en is ze vreselijk bang dat haar zusje dood is. De hele klas luistert met ingehouden adem naar haar verhaal. Een traan rolt over mijn wang. Ashley is pas elf maar heeft iets meegemaakt dat onmiskenbaar een traumatische ervaring is.

De tekst gaat verder onder de video

Pas later, als ze mij haar huis in een sloppenwijk laat zien en me trots meetroont naar haar kamertje van amper 1,5 bij 2,5 meter, met het eenpersoonsbed dat ze moet delen met haar oma, verschijnt er weer een glimlach op haar gezicht. 

Ashley (11) laat me haar kamer zien
Ashley (11) laat me haar kamer zien

‘Dream big for life’

Aan de muur hangen drie tekeningen die de storm hebben overleefd. Op een ervan staat ‘Dream Big for Life’. Voor haar betekent het dat ze hoopt dat alles goed zal gaan met haar familie. ‘Het tegenovergestelde, "dream bad for life" heeft ook geen zin’, zegt ze. ‘Nare dingen zullen altijd gebeuren in het leven, maar als je optimistisch bent, dan komen de goede dingen juist naar je toe’.

En zo sta ik aan de grond genageld in dit kleine kamertje van een grote filosofe van elf jaar, die symbool staat voor het onvoorstelbare optimisme, de veerkracht en het doorzettingsvermogen van de inwoners van Sint Maarten.