brandpunt+

Video

Hoe bepaalt de juf of meester naar welke school een kind kan gaan?

Odette Joosten

Basisschoolleerlingen van groep 8 krijgen allemaal een schooladvies van hun basisschool. Dit advies is het toegangskaartje tot de middelbare school. Wordt het VMBO, Havo of VWO? Jarenlang is de uitslag van de eindcitotoets bepalend geweest voor dit schooladvies. Maar sinds twee jaar mag de leerkracht het zeggen. Hoe bepaalt de juf of meester naar welke school een kind kan gaan?

Je bent voortdurend aan het discrimineren door tegen kinderen al van jongs af aan te zeggen, jij bent sterk en jij bent zwak.”
Professor Roger Standaert

Uit onderzoek van Brandpunt blijkt dat de uitslagen van de toetsen van het  CITO leerlingsvolgsysteem leidend zijn. De middelbare scholen bepalen  welke score de kinderen moeten hebben om op hun school aangenomen te worden. De basisscholen houden deze richtlijnen, die door de minister zijn verboden, meestal als leidraad aan. De uitslagen van de toetsen zijn dus bepalend voor de toekomst van een kind.

Ieder jaar worden kinderen met deze methode-onafhankelijke toetsen (het leerlingvolgsysteem) gemeten.  De leerlingen worden aan de hand van de uitslag van de toets ingedeeld in slechte, middelmatige of slimme leerlingen.  Al vanaf de kleutergroep wordt deze meetmethode ingezet. Aan het einde van groep 8 hebben basisschoolleerlingen gemiddeld 72 van deze toetsen gemaakt. Zo worden kinderen dus op jonge leeftijd al geselecteerd.

Al vanaf de kleutergroep wordt deze meetmethode ingezet. Aan het einde van groep 8 hebben basisschoolleerlingen gemiddeld 72 van deze toetsen gemaakt.

Professor Roger Standaert, grondlegger van het Vlaams onderwijssysteem heeft ons  Nederlands meetsysteem onder de loep genomen en schreef er dit boek over. Zijn conclusie is vlijmscherp.

Standaert: “Het Nederlands onderwijssysteem is pedagogisch onjuist. Het is een selectiefabriek ten voordele van de goede en ten nadele van de zwakkere. Je bent voortdurend aan het discrimineren door tegen kinderen al van jongs af aan te zeggen, jij bent sterk en jij bent zwak.”